Corona – Code Oranje

Vanaf donderdag 12 november moeten de scholen in code oranje opereren.
Wat betekent dat voor onze school?

Corona: hoe weet je nu of een kind beter thuis blijft in de volgende weken?

Hoe weet je nu of een kind beter thuis blijft in de volgende weken?
Deze tekening kan helpen.

BUITENDAGEN TWEEDE KLAS

Vier dagen leefden en leerden we buiten met de tweede klas.

Hierbij wat meer over onze avonturen.

Donderdag trokken we naar Vremde. We kookten 4 verschillende gerechten:

  • platte kaas gekruid met geplukte bloemen en kruiden
  • zonnethee naar eigen recept
  • roerei met lavendel en andere kruiden
  • confituur van rabarber, aardbeien en onderweg geplukte besjes
  • heerlijke groentesoep met brood

We maakten ons eigen vuur aan. Eerst probeerden we met de schraper, wat is dat moeilijk! Vonken kregen we wel, een vuur niet. Met droge berkenschilfers, krantenpapier en een lucifer was ons vuur wel snel aan. We kookten onze confituur en bakten ons eitje op een rooster boven de vlammen. We plukten onze eigen kruiden en bloemen. ’s Middags konden we smullen van het zelfbereide feestmaal samen met enkele ouders.

Leen vertelde ons dat jong van de torenvalk uit de boom was gevallen. We keken hoe die terug in zijn nest werd gezet, wat is dat hoog klimmen!

Ieder waste zijn eigen bord, bestek en beker af en dan keerden we samen terug huiswaarts.

Vrijdag bleven we dicht bij huis voor een bezoek aan het Rivierenhof. Katrijn deed een plantenwandeling en Katrien ging met een groepje sportievelingen lopen door het park. Dat was volhouden! Nadien kwamen we terug samen om enkele planten te onderzoeken en te tekenen. Wie herkent er deze bloem? Kan je dat eten? De aandacht was groot.

Tijd voor het middagmaal. In groepjes kozen de kinderen een plekje waar ze hun kampje willen bouwen. Ze hadden afgesproken wat ze wilden eten en stelden zo hun eigen picknick samen. Gezellig!

Na het weekend was iedereen uitgeslapen voor een fietstocht naar de Bremweide. Door het Rivierenhof reden we al fietsen met enkele ouders naar onze bestemming. De kinderen verkenden de speeltuin die in een moeras staat. Een eend had gespikkelde eitjes gelegd, daar kwamen we niet in de buurt.

We verdeelden ons opnieuw in 2 groepen. Met de ene groep verkende Katrien de grenzen van het fietsparcour. De heuvels waren een uitdaging voor sommigen, zowel bergop als bergaf. De andere groep bedacht samen met Kim verschillende onderzoekjes die ze met een dier konden uitvoeren. Gelukkig zaten er heel wat kriebelbeestjes in en rond het moeras: lieveheersbeestjes, libellen, schaatsrijders, vliegen, vlinders, salamanders,… Gewapend met potjes, netjes, botten, vergrootglazen en insectenboekjes werden de dieren gevangen, bestudeerd, getekend en natuurlijk ook weer vrijgelaten. De groepen wisselden en we toonden aan elkaar wat we gevonden hadden. Tegen de middag konden we een museumpje maken met onze vondsten. Het laatste uur bedacht iedereen een eigen plan: fietsen, knutselen met natuur, een vlot bouwen, een kamp maken, verder dieren zoeken…

De laatste buitendag gingen we wat verder; naar het Middelheim. In het beeldenpark zagen we een grote tennisbaan, gekke spiegels, dure (gouden) kunstwerken, veel naakte beelden,… We dachten na: wat is kunst nu eigenlijk? Is kunst altijd mooi? Nee, kunst kan ook speciaal zijn of om je aandacht te trekken! We zagen bijenkasten en waren verbaasd over hoeveel bijen er samen leefden (tot 60.000)! We beschreven beelden aan elkaar, probeerden elkaar als beeld te boetseren, tekenden beelden en losten er vragen over op. Hoe hoog is dit beeld? Hoe kan je dat schatten? Wat betekent die titel? Van welk materiaal zou dit beeld gemaakt zijn?

’s Middags genoten we van een heerlijke lasagna (van Linus), pasta pesto en wat brood. We sloten de dag af met een duik in het klei-bad. Even hadden de begeleidsters schrik dat we ons niet konden afspoelen. Gelukkig kregen we de ijskoude tuinslang aan de praat. Wat een fijne afsluiter van deze 4 dagen!

Bedankt aan alle ouders voor jullie aanwezigheid, hulp en enthousiasme!

1000 IS BEST VEEL …

Vandaag leerden we hoeveel 1000 is.
We trokken naar het park en verzamelden samen 1000 takken.
Hoe doen we dat best? We besluiten te werken met 10 groepen van 10 takken, dat zijn er dan 100 per rij.
We voegen ze samen in groepen van 100.
Wisten jullie ook dat 10 x 100, duizend is?

 

 

DE EERSTE SNEEUW …

We luisterden ‘s ochtends naar ‘eerste sneeuw’ van Jan de Wilde en tekenden ondertussen een plan dat we in de sneeuw konden uitvoeren. 
Met de tweede klas trokken we naar de grote grasvlakte die VOL verse plaksneeuw lag. Sneeuwballengevecht, een reuzensneeuwman, paadjes maken door ballen te rollen, lopen door de sneeuw en genieten van de sneeuwvlokken,…
 
Hoeveel sneeuw ligt er nu eigenlijk? Het is niet overal gelijk.
Rosalie meet met een stokje 14,5 centimeter, dat is wel veel!
 
Wat is het koud. Gek, eerst worden je handen koud en dan warm. Even op je buik leggen. Dan wordt het echt te koud. We keren terug naar de klas om op te warmen. Een dekentje, alle natte sokken op de chauffage en even genieten van gitaarspel van Joris met ondertussen een massage van je buur (zo warmen je handen sneller op). 
 
Zalig, die eerste sneeuw! 

FILOSOFISCHE VERHALEN

In de tweede klas tekenden we bij filosofische verhalen.
Kijk maar mee…

PROJECT MUZIEK

Donderdag 8 november gingen we met de eerste en de tweede klas naar de markt. Deze keer niet om inkopen te doen, maar om als straatmuzikant ons geluk te beproeven.
We verdeelden ons in groepjes over de markt en toonden onze gecomponeerde muziekstukjes.

“Er waren veel mensen op de markt.” (Stan L.)

“We hebben één euro en 6 cent verdiend.” (Sora)

“We hebben een kilo wortels gekocht met het geld dat we verdiend hebben.” (Louka)

“Ik vond het heel leuk om op de markt te zingen.” (Rosalie)

Nadien brachten we een bezoek aan het vleeshuis in het stad van Antwerpen. Wat een gekke kleuren (wit en rood), precies spek. We onderzochten en tekenden allerlei speciale instrumenten.

“De instrumenten waren heel cool en speciaal en soms ook een beetje gek en oud.” (Ella)

BEZOEK VAN DE SCHOOL ECOLE EN COULEURS.

De 6de klas kreeg op vrijdag 20 oktober 2017 bezoek van 21 leerlingen van de Franse school Ecole en Couleurs uit Vorst bij Brussel. Zij zochten een Vlaamse klas om hun Nederlands te kunnen oefenen.
We zijn de dag begonnen met een zoekspel.
Alle kinderen hadden een paspoort geschreven in het Nederlands maar deze was zonder foto. Je moest dus aan de hand van tips over het uiterlijk en de eigenschappen een persoon kunnen vinden door vragen te stellen: “Is jouw lievelingskleur rood?” of “Heb jij een broer en een zus?”
Dat verliep heel vlotjes en goed! Iedereen vond zo zijn compagnon.



Daarna gaven we ze een rondleiding door onze school. Iedereen van onze klas had iets voorbereid om te doen met de Franse kinderen, zoals armbandjes maken, koken, shuffelen, smashen… De kinderen konden kiezen wat ze wilden doen.
Ook dat verliep bij de meeste kinderen wel vlot.  Zij moesten Nederlands met ons spreken maar dat was voor hen niet erg gemakkelijk.
Soms was het wel wat moeizaam om met elkaar te communiceren.
Maar het ging wel, door alles een beetje uitgebreider uit proberen te leggen.



En soms wisten we wel enkele woordjes in het Frans, daardoor kon je soms een hele zin verstaan. Soms ging het ook ineens in het Engels of met gebarentaal.
Tussen 2 momenten in begonnen we spontaan aan elkaar dingen te tonen waar we goed in waren. Een jongen speelde piano, iemand deed een bal-showke,… Leuke sfeer ontstond er toen.
Toen we klaar waren met de groepjes gingen we middageten. Het groepje dat kookte had iets klaargemaakt voor bij de boterhammen.
Er was popcorn, guacamole en choco met cornflakes, heel lekker allemaal.

Om 2 uur moesten de Franse leerlingen spijtig genoeg vertrekken.
Als afsluiter maakten we allemaal samen een leuke foto. We zwaaiden hen uit.
Het was een geslaagde dag! Wie weet worden wij in de loop van het jaar in Vorst uitgenodigd en dan zullen wij ons in het Frans moeten kunnen behelpen.

Spannend!

Verslag:
Noor & Maj

VLAAMS VERKEERSCENTRUM

Met de fiets trok de zesde klas op 17 oktober 2017 naar het Vlaams verkeerscentrum gelegen aan het Kievitplein midden in Antwerpen. Daar werden we opgewacht door Peter, de communicatieverantwoordelijke. Drank en cake stonden voor ons al klaar in de vergaderzaal waar we ontvangen werden. Peter maakte voor ons een powerpoint om ons duidelijk te maken wat de taken van het centrum zijn.

Dan gingen we 2 verdiepen lager naar de echte werkruimte, het kloppende hart van de Vlaamse autosnelwegen. Van Ronny, de papa van Stella en één van de operatoren in het verkeerscentrum, kregen we daarna een rondleiding in die zaal vol computerschermen. Het was al een drukke ochtend geweest met veel ongevallen en toen we de zaal inkwamen zagen we op 1 van de camerabeelden dat er weer een ongeval gebeurd was. We mochten zelf met een joystick inzoomen en konden zo alle details zien en de evolutie volgen. De operatoren gaven meteen het accident door aan de politie die midden in het kloppende hart aan bureaus zit. De operatoren typten de tekst voor op de informatieborden die boven de snelwegen hangen en na 5 minuten waren de hulpdiensten ter plaatse.


Er hangen wel 1500 camera’s boven de snelwegen. De helft ervan zijn slimme camera’s die zelf detecteren en signaleren als er iets is gebeurd waarvan ze denken dat de operatoren dit moeten weten. Deze schermen krijgen in de zaal dan een rood oplichtend kader.

Er wordt ook gebruik gemaakt van elektromagnetische velden, een soort lussen die onder het wegdek aangelegd worden. Van bovenuit zien ze er als littekens op de weg uit doordat ze het asfalt daarna terug dicht moeten lassen. Op die manier kunnen ze in het verkeerscentrum de snelheid van de voertuigen meten, kunnen ze zien of het een personenwagen of een vrachtwagen is en kunnen ze het aantal passerende voertuigen tellen. Straf hè!

Wat ons heel erg raakte was toen de politie het ongeval terugspoelde en we zagen hoe een camionet in volle snelheid bleef rijden en de vertragende auto’s voor hem niet opmerkte en zonder te remmen volop inreed op de voorliggers die door de zware slag met 4 naar alle kanten vlogen. Gsm-gebruik achter het stuur is letterlijk levensgevaarlijk, daarvan waren we van dichtbij getuige.

De politie liet ons ook nog de beelden zien van het ongeval van vorige week op de ring van Antwerpen toen er een vloeibaar, wit, plakkerig goedje lekte en er heel veel verkeersellende ontstond. Een auto slalomde toen van helemaal links naar het rechterbaanvak en gooide zich tussen de vrachtwagens in waarop die uit alle macht moesten remmen.

Je wordt door deze uitstap er heel erg mee geconfronteerd hoe snel een ongeval gebeurt door onoplettendheid van de bestuurder. Twee uren later fietsten we tevreden én oplettend weer naar school.

(verslag klassikaal gemaakt. Elk kind formuleert één zin.)