BUITENDAGEN TWEEDE KLAS

Vier dagen leefden en leerden we buiten met de tweede klas.

Hierbij wat meer over onze avonturen.

Donderdag trokken we naar Vremde. We kookten 4 verschillende gerechten:

  • platte kaas gekruid met geplukte bloemen en kruiden
  • zonnethee naar eigen recept
  • roerei met lavendel en andere kruiden
  • confituur van rabarber, aardbeien en onderweg geplukte besjes
  • heerlijke groentesoep met brood

We maakten ons eigen vuur aan. Eerst probeerden we met de schraper, wat is dat moeilijk! Vonken kregen we wel, een vuur niet. Met droge berkenschilfers, krantenpapier en een lucifer was ons vuur wel snel aan. We kookten onze confituur en bakten ons eitje op een rooster boven de vlammen. We plukten onze eigen kruiden en bloemen. ’s Middags konden we smullen van het zelfbereide feestmaal samen met enkele ouders.

Leen vertelde ons dat jong van de torenvalk uit de boom was gevallen. We keken hoe die terug in zijn nest werd gezet, wat is dat hoog klimmen!

Ieder waste zijn eigen bord, bestek en beker af en dan keerden we samen terug huiswaarts.

Vrijdag bleven we dicht bij huis voor een bezoek aan het Rivierenhof. Katrijn deed een plantenwandeling en Katrien ging met een groepje sportievelingen lopen door het park. Dat was volhouden! Nadien kwamen we terug samen om enkele planten te onderzoeken en te tekenen. Wie herkent er deze bloem? Kan je dat eten? De aandacht was groot.

Tijd voor het middagmaal. In groepjes kozen de kinderen een plekje waar ze hun kampje willen bouwen. Ze hadden afgesproken wat ze wilden eten en stelden zo hun eigen picknick samen. Gezellig!

Na het weekend was iedereen uitgeslapen voor een fietstocht naar de Bremweide. Door het Rivierenhof reden we al fietsen met enkele ouders naar onze bestemming. De kinderen verkenden de speeltuin die in een moeras staat. Een eend had gespikkelde eitjes gelegd, daar kwamen we niet in de buurt.

We verdeelden ons opnieuw in 2 groepen. Met de ene groep verkende Katrien de grenzen van het fietsparcour. De heuvels waren een uitdaging voor sommigen, zowel bergop als bergaf. De andere groep bedacht samen met Kim verschillende onderzoekjes die ze met een dier konden uitvoeren. Gelukkig zaten er heel wat kriebelbeestjes in en rond het moeras: lieveheersbeestjes, libellen, schaatsrijders, vliegen, vlinders, salamanders,… Gewapend met potjes, netjes, botten, vergrootglazen en insectenboekjes werden de dieren gevangen, bestudeerd, getekend en natuurlijk ook weer vrijgelaten. De groepen wisselden en we toonden aan elkaar wat we gevonden hadden. Tegen de middag konden we een museumpje maken met onze vondsten. Het laatste uur bedacht iedereen een eigen plan: fietsen, knutselen met natuur, een vlot bouwen, een kamp maken, verder dieren zoeken…

De laatste buitendag gingen we wat verder; naar het Middelheim. In het beeldenpark zagen we een grote tennisbaan, gekke spiegels, dure (gouden) kunstwerken, veel naakte beelden,… We dachten na: wat is kunst nu eigenlijk? Is kunst altijd mooi? Nee, kunst kan ook speciaal zijn of om je aandacht te trekken! We zagen bijenkasten en waren verbaasd over hoeveel bijen er samen leefden (tot 60.000)! We beschreven beelden aan elkaar, probeerden elkaar als beeld te boetseren, tekenden beelden en losten er vragen over op. Hoe hoog is dit beeld? Hoe kan je dat schatten? Wat betekent die titel? Van welk materiaal zou dit beeld gemaakt zijn?

’s Middags genoten we van een heerlijke lasagna (van Linus), pasta pesto en wat brood. We sloten de dag af met een duik in het klei-bad. Even hadden de begeleidsters schrik dat we ons niet konden afspoelen. Gelukkig kregen we de ijskoude tuinslang aan de praat. Wat een fijne afsluiter van deze 4 dagen!

Bedankt aan alle ouders voor jullie aanwezigheid, hulp en enthousiasme!

1000 IS BEST VEEL …

Vandaag leerden we hoeveel 1000 is.
We trokken naar het park en verzamelden samen 1000 takken.
Hoe doen we dat best? We besluiten te werken met 10 groepen van 10 takken, dat zijn er dan 100 per rij.
We voegen ze samen in groepen van 100.
Wisten jullie ook dat 10 x 100, duizend is?

 

 

DE EERSTE SNEEUW …

We luisterden ‘s ochtends naar ‘eerste sneeuw’ van Jan de Wilde en tekenden ondertussen een plan dat we in de sneeuw konden uitvoeren. 
Met de tweede klas trokken we naar de grote grasvlakte die VOL verse plaksneeuw lag. Sneeuwballengevecht, een reuzensneeuwman, paadjes maken door ballen te rollen, lopen door de sneeuw en genieten van de sneeuwvlokken,…
 
Hoeveel sneeuw ligt er nu eigenlijk? Het is niet overal gelijk.
Rosalie meet met een stokje 14,5 centimeter, dat is wel veel!
 
Wat is het koud. Gek, eerst worden je handen koud en dan warm. Even op je buik leggen. Dan wordt het echt te koud. We keren terug naar de klas om op te warmen. Een dekentje, alle natte sokken op de chauffage en even genieten van gitaarspel van Joris met ondertussen een massage van je buur (zo warmen je handen sneller op). 
 
Zalig, die eerste sneeuw! 

FILOSOFISCHE VERHALEN

In de tweede klas tekenden we bij filosofische verhalen.
Kijk maar mee…

PROJECT MUZIEK

Donderdag 8 november gingen we met de eerste en de tweede klas naar de markt. Deze keer niet om inkopen te doen, maar om als straatmuzikant ons geluk te beproeven.
We verdeelden ons in groepjes over de markt en toonden onze gecomponeerde muziekstukjes.

“Er waren veel mensen op de markt.” (Stan L.)

“We hebben één euro en 6 cent verdiend.” (Sora)

“We hebben een kilo wortels gekocht met het geld dat we verdiend hebben.” (Louka)

“Ik vond het heel leuk om op de markt te zingen.” (Rosalie)

Nadien brachten we een bezoek aan het vleeshuis in het stad van Antwerpen. Wat een gekke kleuren (wit en rood), precies spek. We onderzochten en tekenden allerlei speciale instrumenten.

“De instrumenten waren heel cool en speciaal en soms ook een beetje gek en oud.” (Ella)

BEZOEK VAN DE SCHOOL ECOLE EN COULEURS.

De 6de klas kreeg op vrijdag 20 oktober 2017 bezoek van 21 leerlingen van de Franse school Ecole en Couleurs uit Vorst bij Brussel. Zij zochten een Vlaamse klas om hun Nederlands te kunnen oefenen.
We zijn de dag begonnen met een zoekspel.
Alle kinderen hadden een paspoort geschreven in het Nederlands maar deze was zonder foto. Je moest dus aan de hand van tips over het uiterlijk en de eigenschappen een persoon kunnen vinden door vragen te stellen: “Is jouw lievelingskleur rood?” of “Heb jij een broer en een zus?”
Dat verliep heel vlotjes en goed! Iedereen vond zo zijn compagnon.



Daarna gaven we ze een rondleiding door onze school. Iedereen van onze klas had iets voorbereid om te doen met de Franse kinderen, zoals armbandjes maken, koken, shuffelen, smashen… De kinderen konden kiezen wat ze wilden doen.
Ook dat verliep bij de meeste kinderen wel vlot.  Zij moesten Nederlands met ons spreken maar dat was voor hen niet erg gemakkelijk.
Soms was het wel wat moeizaam om met elkaar te communiceren.
Maar het ging wel, door alles een beetje uitgebreider uit proberen te leggen.



En soms wisten we wel enkele woordjes in het Frans, daardoor kon je soms een hele zin verstaan. Soms ging het ook ineens in het Engels of met gebarentaal.
Tussen 2 momenten in begonnen we spontaan aan elkaar dingen te tonen waar we goed in waren. Een jongen speelde piano, iemand deed een bal-showke,… Leuke sfeer ontstond er toen.
Toen we klaar waren met de groepjes gingen we middageten. Het groepje dat kookte had iets klaargemaakt voor bij de boterhammen.
Er was popcorn, guacamole en choco met cornflakes, heel lekker allemaal.

Om 2 uur moesten de Franse leerlingen spijtig genoeg vertrekken.
Als afsluiter maakten we allemaal samen een leuke foto. We zwaaiden hen uit.
Het was een geslaagde dag! Wie weet worden wij in de loop van het jaar in Vorst uitgenodigd en dan zullen wij ons in het Frans moeten kunnen behelpen.

Spannend!

Verslag:
Noor & Maj

VLAAMS VERKEERSCENTRUM

Met de fiets trok de zesde klas op 17 oktober 2017 naar het Vlaams verkeerscentrum gelegen aan het Kievitplein midden in Antwerpen. Daar werden we opgewacht door Peter, de communicatieverantwoordelijke. Drank en cake stonden voor ons al klaar in de vergaderzaal waar we ontvangen werden. Peter maakte voor ons een powerpoint om ons duidelijk te maken wat de taken van het centrum zijn.

Dan gingen we 2 verdiepen lager naar de echte werkruimte, het kloppende hart van de Vlaamse autosnelwegen. Van Ronny, de papa van Stella en één van de operatoren in het verkeerscentrum, kregen we daarna een rondleiding in die zaal vol computerschermen. Het was al een drukke ochtend geweest met veel ongevallen en toen we de zaal inkwamen zagen we op 1 van de camerabeelden dat er weer een ongeval gebeurd was. We mochten zelf met een joystick inzoomen en konden zo alle details zien en de evolutie volgen. De operatoren gaven meteen het accident door aan de politie die midden in het kloppende hart aan bureaus zit. De operatoren typten de tekst voor op de informatieborden die boven de snelwegen hangen en na 5 minuten waren de hulpdiensten ter plaatse.


Er hangen wel 1500 camera’s boven de snelwegen. De helft ervan zijn slimme camera’s die zelf detecteren en signaleren als er iets is gebeurd waarvan ze denken dat de operatoren dit moeten weten. Deze schermen krijgen in de zaal dan een rood oplichtend kader.

Er wordt ook gebruik gemaakt van elektromagnetische velden, een soort lussen die onder het wegdek aangelegd worden. Van bovenuit zien ze er als littekens op de weg uit doordat ze het asfalt daarna terug dicht moeten lassen. Op die manier kunnen ze in het verkeerscentrum de snelheid van de voertuigen meten, kunnen ze zien of het een personenwagen of een vrachtwagen is en kunnen ze het aantal passerende voertuigen tellen. Straf hè!

Wat ons heel erg raakte was toen de politie het ongeval terugspoelde en we zagen hoe een camionet in volle snelheid bleef rijden en de vertragende auto’s voor hem niet opmerkte en zonder te remmen volop inreed op de voorliggers die door de zware slag met 4 naar alle kanten vlogen. Gsm-gebruik achter het stuur is letterlijk levensgevaarlijk, daarvan waren we van dichtbij getuige.

De politie liet ons ook nog de beelden zien van het ongeval van vorige week op de ring van Antwerpen toen er een vloeibaar, wit, plakkerig goedje lekte en er heel veel verkeersellende ontstond. Een auto slalomde toen van helemaal links naar het rechterbaanvak en gooide zich tussen de vrachtwagens in waarop die uit alle macht moesten remmen.

Je wordt door deze uitstap er heel erg mee geconfronteerd hoe snel een ongeval gebeurt door onoplettendheid van de bestuurder. Twee uren later fietsten we tevreden én oplettend weer naar school.

(verslag klassikaal gemaakt. Elk kind formuleert één zin.)

OP EEN HERFSTDAG NAAR VREMDE

‘Wanneer gaan we nog naar Vremde?’
‘Zouden de rammen nog leven?’
‘Hoe zou het met de honden zijn?’
‘Ik ben benieuwd wat er veranderd is.’

Wat hebben ze ernaar uit gekeken!
Nog voor we aankwamen valt ons oog op een hele bijzonder maan. Hij is groot en heeft geen gele maar een donkerrode kleur. Met wat zoekwerk ontdekken we dat het een bloedmaan en een supermaan is. Laatst in 1982 en pas terug te zien in 2033. Na even rekenen weten ze dat dan ongeveer 23 jaar zijn. Vic vindt nog enkele maïskolven en ook Louka heeft er nog één gevonden die op het veld achtergelaten is. Enkele meisjes plukken een boeketje wildbloemen voor Leen.
Na de wilgenhut gaat iedereen op verkenning. Dylan probeert een kip te knuffelen. Wat moeilijk om er ééntje te vangen. Een groepje gaat naar de moestuin om groenten en kruiden te zoeken voor soep, thee en een slaatje.  De wortels hebben een gele kleur. Wat is die gekke vrucht met zijn stekels en hoe maak je die klaar (chayote)? We plukken en oogsten rode biet, prei, wortels, spinazie, peterselie,  venkel, spruitjes, , pompoen,… Wie helpt mee met het snijden?
Twee hanen moeten geslacht worden. Francis helpt mee om ze te pluimen. We onderzoeken de delen binnenin. Wat ziet gal groen. Hoe klein zijn de longen? Kan je de lever ook opeten? Hoeveel balletjes heeft een haan? Waarom zitten er steentjes in de maag?
We eten allemaal samen. Wat smaakt de soep heerlijk. Wie proeft van de thee? Het spel van Nand wordt uitgelegd. Wie wil meespelen? Iemand wil een zombie zijn, het spel moet veranderen en dan kunnen we starten.
Kampen worden opnieuw bezocht, de schapen geaaid, de nieuwe wc’s getest, het touw wordt uitgeprobeerd (kan je blijven staan zonder dat het touw je raakt?), de afwas wordt gedaan. Om half 3 vertrekken we terug naar school. Iedereen uitgeteld.
Wat is samenzijn in de natuur toch fijn!


(Dylan)
Ik vind het zo leuk om met Zuka de hond te spelen.

(Oscar)

Ik had een groot ijzer ding en een klakkebuis gevonden.

Ik was in de schuine boom geklommen en Kamil ook.

Ik had schapenbrood gegeten.

We hebben op schapen gejaagd.

(Ella)

De moestuin, daar staan veel groenten en vitamines. Lekker fruit en groenten!


(Paz) Ik vind het leuk dat we dieren eten kunnen geven. ik vind het leuk om in de bomen te klimmen. Ik vind het leuk om naar de moestuin te gaan.

(Israe) We gaan naar Vremde … om avonturen te beleven … om goed te stappen en dat is ook leren … om leuk te spelen

DE HAVEN VAN ANTWERPEN

Wij, vijf en zes, zijn samen door de Antwerpse haven gevaren op maandag 2 oktober. We scheepten in aan het Kattendijkdok.
Een gids bracht ons naar onze tafel. Daar lag voor iedereen een kaart klaar van de haven. We zochten op waar we ons bevonden. Daarna loodste hij ons naar het dek waar we een uur mochten kijken en luisteren naar van alles tegelijk. Soms vroeg hij om even bakboord te kijken (links) en dan weer was er van alles te zien aan stuurboord (rechts)
We konden zelfs even een kijkje nemen in de stuurhut van de kapitein en hem vragen stellen.


Na de rondleiding kregen we per 4 opdrachten aan de tafels om wat we leerden nog eens terug te herhalen.

We ontdekten dat de haven van Antwerpen heel belangrijk is voor de economie van ons land en ook voor Europa. Onze haven is de tweede grootste van Europa, na Rotterdam. Economie is een moeilijk woord om uit te leggen dat het gaat om arbeid en productie, geld verdienen door handel te drijven, het kopen en verkopen, het importeren en exporteren van goederen.

We hebben die dag veel geleerd:
Elk dok is recht en uitgegraven door de mens.
Boten met een  felle kleur vervoeren vaak ontvlambare dingen  zoals benzine.
We  wisten niet dat een schip dat vloeibare stoffen vervoert een tanker heet en dat je die kan  herkennen aan de buizen boven op het dek. Zo zijn er ook binnenschepen en kustschepen en zeeschepen.
Wist je dat een schip tegenwoordig bestuurd wordt door een joystick?
Met die joystick die maar een beetje groter is dan een pink kan je een containerschip besturen. Het stuurwiel is niet meer.
Er bestaan stukgoederen (schoenen, bananen, auto’s, …) en massagoederen (zand, olie, graan  We zagen een soort grote stofzuiger massagoed opzuigen om dit dan via transportbanden en pijpleidingen tot in de opslagtaks te brengen.

Toen we hoorden over zoveel verschillende soorten goederen bedacht Noor dat ze zich eigenlijk nog nooit had afgevraagd hoe bijvoorbeeld sportschoenen van China naar Antwerpen zouden komen. Goed dat we deze boottocht konden maken.

We bedankten onze gids en aten onze picknick op en zijn daarna verder gefietst.

Omdat de musea op maandag niet open zijn, deden we een fietstochtje naar Linkeroever.
Op deze tocht kwamen we overal wiskunde tegen: We hebben geschat hoe hoog 1 verdieping van het Mas zou zijn en we vroegen ons ook af hoe breed de Schelde in Antwerpen zou zijn. We vergeleken met een zeetanker van 300 meter lang die we ‘s morgens zagen en Jun dacht dat, als die dwars in de Schelde zou liggen, die er wel 2 of 3 keer in zou passen. Toen we door de voetgangerstunnel reden zagen we op de tegels informatie staan over hoe lang de tunnel is. (575m) De fietslift bracht ons tot op -31 meter. De diepste dokken in Antwerpen zijn 18 meter. (en de allergrootste zeeschepen hebben wel 24 meter diepte nodig en daarom varen die naar Rotterdam want daar zijn de dokken tot 24 meter diep)
Nu zie je dat je wiskunde ook in het dagelijks leven overal tegenkomt.

Het was een fijne, interessante en boeiende dag maar wel spijtig dat Nayla er niet bij kon zijn omdat ze net terug is vertrokken naar Colombia.

(Deze tekst is ontstaan doordat elk kind 3 goede zinnen moest schrijven over de ervaringen in de haven. We plakten ze bij elkaar en zochten naar goede overgangen, verbanden en structuren. 3 kinderen typten en er werd ook nagelezen op fouten.)