VLAAMS VERKEERSCENTRUM

Met de fiets trok de zesde klas op 17 oktober 2017 naar het Vlaams verkeerscentrum gelegen aan het Kievitplein midden in Antwerpen. Daar werden we opgewacht door Peter, de communicatieverantwoordelijke. Drank en cake stonden voor ons al klaar in de vergaderzaal waar we ontvangen werden. Peter maakte voor ons een powerpoint om ons duidelijk te maken wat de taken van het centrum zijn.

Dan gingen we 2 verdiepen lager naar de echte werkruimte, het kloppende hart van de Vlaamse autosnelwegen. Van Ronny, de papa van Stella en één van de operatoren in het verkeerscentrum, kregen we daarna een rondleiding in die zaal vol computerschermen. Het was al een drukke ochtend geweest met veel ongevallen en toen we de zaal inkwamen zagen we op 1 van de camerabeelden dat er weer een ongeval gebeurd was. We mochten zelf met een joystick inzoomen en konden zo alle details zien en de evolutie volgen. De operatoren gaven meteen het accident door aan de politie die midden in het kloppende hart aan bureaus zit. De operatoren typten de tekst voor op de informatieborden die boven de snelwegen hangen en na 5 minuten waren de hulpdiensten ter plaatse.


Er hangen wel 1500 camera’s boven de snelwegen. De helft ervan zijn slimme camera’s die zelf detecteren en signaleren als er iets is gebeurd waarvan ze denken dat de operatoren dit moeten weten. Deze schermen krijgen in de zaal dan een rood oplichtend kader.

Er wordt ook gebruik gemaakt van elektromagnetische velden, een soort lussen die onder het wegdek aangelegd worden. Van bovenuit zien ze er als littekens op de weg uit doordat ze het asfalt daarna terug dicht moeten lassen. Op die manier kunnen ze in het verkeerscentrum de snelheid van de voertuigen meten, kunnen ze zien of het een personenwagen of een vrachtwagen is en kunnen ze het aantal passerende voertuigen tellen. Straf hè!

Wat ons heel erg raakte was toen de politie het ongeval terugspoelde en we zagen hoe een camionet in volle snelheid bleef rijden en de vertragende auto’s voor hem niet opmerkte en zonder te remmen volop inreed op de voorliggers die door de zware slag met 4 naar alle kanten vlogen. Gsm-gebruik achter het stuur is letterlijk levensgevaarlijk, daarvan waren we van dichtbij getuige.

De politie liet ons ook nog de beelden zien van het ongeval van vorige week op de ring van Antwerpen toen er een vloeibaar, wit, plakkerig goedje lekte en er heel veel verkeersellende ontstond. Een auto slalomde toen van helemaal links naar het rechterbaanvak en gooide zich tussen de vrachtwagens in waarop die uit alle macht moesten remmen.

Je wordt door deze uitstap er heel erg mee geconfronteerd hoe snel een ongeval gebeurt door onoplettendheid van de bestuurder. Twee uren later fietsten we tevreden én oplettend weer naar school.

(verslag klassikaal gemaakt. Elk kind formuleert één zin.)

OP EEN HERFSTDAG NAAR VREMDE

‘Wanneer gaan we nog naar Vremde?’
‘Zouden de rammen nog leven?’
‘Hoe zou het met de honden zijn?’
‘Ik ben benieuwd wat er veranderd is.’

Wat hebben ze ernaar uit gekeken!
Nog voor we aankwamen valt ons oog op een hele bijzonder maan. Hij is groot en heeft geen gele maar een donkerrode kleur. Met wat zoekwerk ontdekken we dat het een bloedmaan en een supermaan is. Laatst in 1982 en pas terug te zien in 2033. Na even rekenen weten ze dat dan ongeveer 23 jaar zijn. Vic vindt nog enkele maïskolven en ook Louka heeft er nog één gevonden die op het veld achtergelaten is. Enkele meisjes plukken een boeketje wildbloemen voor Leen.
Na de wilgenhut gaat iedereen op verkenning. Dylan probeert een kip te knuffelen. Wat moeilijk om er ééntje te vangen. Een groepje gaat naar de moestuin om groenten en kruiden te zoeken voor soep, thee en een slaatje.  De wortels hebben een gele kleur. Wat is die gekke vrucht met zijn stekels en hoe maak je die klaar (chayote)? We plukken en oogsten rode biet, prei, wortels, spinazie, peterselie,  venkel, spruitjes, , pompoen,… Wie helpt mee met het snijden?
Twee hanen moeten geslacht worden. Francis helpt mee om ze te pluimen. We onderzoeken de delen binnenin. Wat ziet gal groen. Hoe klein zijn de longen? Kan je de lever ook opeten? Hoeveel balletjes heeft een haan? Waarom zitten er steentjes in de maag?
We eten allemaal samen. Wat smaakt de soep heerlijk. Wie proeft van de thee? Het spel van Nand wordt uitgelegd. Wie wil meespelen? Iemand wil een zombie zijn, het spel moet veranderen en dan kunnen we starten.
Kampen worden opnieuw bezocht, de schapen geaaid, de nieuwe wc’s getest, het touw wordt uitgeprobeerd (kan je blijven staan zonder dat het touw je raakt?), de afwas wordt gedaan. Om half 3 vertrekken we terug naar school. Iedereen uitgeteld.
Wat is samenzijn in de natuur toch fijn!


(Dylan)
Ik vind het zo leuk om met Zuka de hond te spelen.

(Oscar)

Ik had een groot ijzer ding en een klakkebuis gevonden.

Ik was in de schuine boom geklommen en Kamil ook.

Ik had schapenbrood gegeten.

We hebben op schapen gejaagd.

(Ella)

De moestuin, daar staan veel groenten en vitamines. Lekker fruit en groenten!


(Paz) Ik vind het leuk dat we dieren eten kunnen geven. ik vind het leuk om in de bomen te klimmen. Ik vind het leuk om naar de moestuin te gaan.

(Israe) We gaan naar Vremde … om avonturen te beleven … om goed te stappen en dat is ook leren … om leuk te spelen

DE HAVEN VAN ANTWERPEN

Wij, vijf en zes, zijn samen door de Antwerpse haven gevaren op maandag 2 oktober. We scheepten in aan het Kattendijkdok.
Een gids bracht ons naar onze tafel. Daar lag voor iedereen een kaart klaar van de haven. We zochten op waar we ons bevonden. Daarna loodste hij ons naar het dek waar we een uur mochten kijken en luisteren naar van alles tegelijk. Soms vroeg hij om even bakboord te kijken (links) en dan weer was er van alles te zien aan stuurboord (rechts)
We konden zelfs even een kijkje nemen in de stuurhut van de kapitein en hem vragen stellen.


Na de rondleiding kregen we per 4 opdrachten aan de tafels om wat we leerden nog eens terug te herhalen.

We ontdekten dat de haven van Antwerpen heel belangrijk is voor de economie van ons land en ook voor Europa. Onze haven is de tweede grootste van Europa, na Rotterdam. Economie is een moeilijk woord om uit te leggen dat het gaat om arbeid en productie, geld verdienen door handel te drijven, het kopen en verkopen, het importeren en exporteren van goederen.

We hebben die dag veel geleerd:
Elk dok is recht en uitgegraven door de mens.
Boten met een  felle kleur vervoeren vaak ontvlambare dingen  zoals benzine.
We  wisten niet dat een schip dat vloeibare stoffen vervoert een tanker heet en dat je die kan  herkennen aan de buizen boven op het dek. Zo zijn er ook binnenschepen en kustschepen en zeeschepen.
Wist je dat een schip tegenwoordig bestuurd wordt door een joystick?
Met die joystick die maar een beetje groter is dan een pink kan je een containerschip besturen. Het stuurwiel is niet meer.
Er bestaan stukgoederen (schoenen, bananen, auto’s, …) en massagoederen (zand, olie, graan  We zagen een soort grote stofzuiger massagoed opzuigen om dit dan via transportbanden en pijpleidingen tot in de opslagtaks te brengen.

Toen we hoorden over zoveel verschillende soorten goederen bedacht Noor dat ze zich eigenlijk nog nooit had afgevraagd hoe bijvoorbeeld sportschoenen van China naar Antwerpen zouden komen. Goed dat we deze boottocht konden maken.

We bedankten onze gids en aten onze picknick op en zijn daarna verder gefietst.

Omdat de musea op maandag niet open zijn, deden we een fietstochtje naar Linkeroever.
Op deze tocht kwamen we overal wiskunde tegen: We hebben geschat hoe hoog 1 verdieping van het Mas zou zijn en we vroegen ons ook af hoe breed de Schelde in Antwerpen zou zijn. We vergeleken met een zeetanker van 300 meter lang die we ‘s morgens zagen en Jun dacht dat, als die dwars in de Schelde zou liggen, die er wel 2 of 3 keer in zou passen. Toen we door de voetgangerstunnel reden zagen we op de tegels informatie staan over hoe lang de tunnel is. (575m) De fietslift bracht ons tot op -31 meter. De diepste dokken in Antwerpen zijn 18 meter. (en de allergrootste zeeschepen hebben wel 24 meter diepte nodig en daarom varen die naar Rotterdam want daar zijn de dokken tot 24 meter diep)
Nu zie je dat je wiskunde ook in het dagelijks leven overal tegenkomt.

Het was een fijne, interessante en boeiende dag maar wel spijtig dat Nayla er niet bij kon zijn omdat ze net terug is vertrokken naar Colombia.

(Deze tekst is ontstaan doordat elk kind 3 goede zinnen moest schrijven over de ervaringen in de haven. We plakten ze bij elkaar en zochten naar goede overgangen, verbanden en structuren. 3 kinderen typten en er werd ook nagelezen op fouten.)

DE HAVEN VAN ANTWERPEN IS GROOT, MAAR NIET DE GROOTSTE!

Er werken zo’n 120 000 mensen in de  haven van Antwerpen en er passeren 10 miljoen containers per jaar.
Rotterdam is de grootste haven van Europa en de grootste van de wereld is Sanghai.
Antwerpen is de 18 in de op wereldniveau.
In een containerschip werken ongeveer 10 mensen. Dat is niet veel voor zo’n schip.

Voor de grote schepen zijn er kleine boten nodig om ze aan land vast te maken.
De snelheid van een schip bepalen we met knopen (een knoop=2km/u).
Elk schip heeft een naam, dat is handig om met elkaar te spreken op het water.

Wij wisten niet dat er zo veel fabrieken zijn in de haven.
Er zijn veel verschillende fabrieken.
In één van die fabrieken verwerken ze ruwe olie.
Die olie gebruiken we dan bijvoorbeeld voor de auto .
Ruwe olie slaan ze op in een cilindervormige tank.
Als deze vol is kun je er wel 25 Olympische zwembaden mee vullen.
Een schip met een rode vlag betekent een schip met giftige (gevaarlijk) stoffen.

Dit was ons verslag , wil je meer weten over de haven vraag dan informatie aan de 5de klas.
Verslag gemaakt door alle vijfde klassers

geschreven door Rayan en August

OP KAMP IN LILLE SEPTEMBER 2017

Dag 1: dinsdag 26/9

We vertrokken op school en stapten naar de bushalte.  Nog even spelen op een binnenpleintje en de bus kwam er al snel aan. De kinderen wilden heel graag alle haltes volgen, dat kon met het plan dat gemaakt was door het groepje van de reisweg (Lucía, Lou, Rosalie en Sora). Sommigen wisten zelfs de weg nog van het vorige jaar!
Aangekomen aan het huisje, een blij weerzien voor de tweedeklassers. We aten ons fruit op en verkenden het terrein. Er werd een paddenstoelenstad gebouwd, huisjes van dennennaalden gemaakt, kampen in de bomen ontworpen, hockey met takken en gevonden tennisballen gespeeld,… We aten ons lunchpakket op en genoten van de eerste zonnestralen na een mistige ochtend.

De aardappelen werden geschild, wat waren de mesjes scherp! Sommige kinderen gebruikten hun zakmes om een scherpe punt aan een tak te maken. Viktor vond zelfs een wit wormpje in zijn tak na het afsnijden van de schors!
We speelden het spel ‘afpakkertje’, een spel van Raven, Max, Kamiel, Noan, Oscar, Jules en Viktor. In het bos moesten we kruisen zoeken en verdienen met opdrachten. Nadien kon je in andere kampen de kruisen gaan stelen. Je moest dan in het kamp binnengeraken en niet getikt worden door de beschermers. Wat een ingewikkelde regel. We kwamen even samen en spraken af hoe het spel verder moest, dan lukte het al beter.

Na al dat harde lopen is een princekoek een heerlijk 4-uurtje. Het touw werd in de bomen opgehangen door Paz en Tiffany en iedereen testte het hoogteparcour uit. Sommigen moesten wel hun durf even overwinnen. De bomen-actiegroep kwam tot stand nadat we een beschadigende boom tegenkwamen. “Wij zijn de beschermers van de bomen, bomen hebben ook een ziel!” werd er gescandeerd.
Vier vrijwilligers dekken de tafel met op elke tafel 11 borden, dat gaat vlot! Voor we het beseffen is het al etenstijd. Kinderen keken naar de menu die aan het raam hing (gemaakt door het menu-groepje: Woud, Louka, Paz, Juwayriyah). Vanavond: spinaziestoemp met fish sticks en verse komkommer en sla. Wat hebben we dat goed ingeschat. 12,5 kg aardappelen zijn er helemaal doorgejaagd. Het heeft gesmaakt.
Al die borden en de grote potten afwassen was wel een klus. Ondertussen werd het kampvuur al aangestoken. De dennennaalden worden spaghetti in het vuur, wisten jullie dat al? We kwamen samen om ons kamplied te zingen bij het vuur. De eerste klas vatte de eerste dag samen in één woord. De tweede klas startte een heuse opruimactie in het bos (dat er heel vuil bij lag!). 3 volle vuilniszakken konden we verzamelen en Linus bedacht dat we eigenlijk best nog ‘recyclen’ ook. Ook in de tweede klas zaten we rond het kampvuur om even over de dag te vertellen. Een kattenwasje, tanden poetsen, nog even met de pillampen lezen en het licht gaat uit. De eerste dag zit erop!


Dag 2: woensdag 27/9
Om 7u waren de eerste vroege vogels wakker. Het gordijn ging op een kiertje en de macramé, leesboekjes en tekenkunsten werden bovengehaald in de eetzaal. We maakten een vlaggetjesslinger voor Max, waarvan iedereen een vlaggetje versierde. En dan kwam het feestvarken eraan. Hij werd verwelkomd met een luide versie van ‘happy birthday’ en wel 6 hiep hiep hoera’s!
We startten de dag met een stevige portie havermout en lekkere boterhammetjes. Het eerste spel is er één van 5 meisjes (Alela, Nina, Hajar, Inez en Amara). In het ‘opdrachtenspel’ moest je op zoek gaan naar papieren met een opdracht op. Die waren verstopt in het bos. Met een beker water op je hoofd lopen, elkaar een kus geven op de wang, van kleren wisselen,… Wie kan als eerste de tien opdrachten volbrengen zonder getikt te worden?  Iedereen had er alvast veel plezier in.
Max zijn verjaardag werd gevierd met lekkere cakejes en een heuse kroon. Nog even spelen en slijpen met de zakmessen. We aten een lekkere wortel-pompoensoep (op voorhand gesneden op school) met brood.
Na de middag volgde het laatste spel van Renée, Francis, Nand, Linus en Thomas. Wat een knappe verkleedkleren hadden die monsters aan! Wie vindt de juiste sleutel om de geheime schat te openen? Alle sleutels waren in het bos verstopt, hopelijk werd je niet door de monsters getikt want dan werd je zelf een monster. Gelukkig kon je beschermdrankjes drinken bij de beschermer en dan was je veilig.
Wat was de echte sleutel moeilijk verstopt! Paz, Stan L. en Astor waren hem in de tweede ronde op het spoor.  Gelukkig geraakte de juiste sleutel veilig bij de schat. Iedereen was blij met de verrassing: marshmellows. Stokken werden gezocht en alvast geslepen om ’s avonds na het eten van een krokante lekkernij te kunnen genieten. Lou controleerde de marshmellows op correcte krokantheid.
We aten enkele druifjes en een rijstwafel. Er werd nog geoefend op een stokkengevecht door Noan en Dylan, Rosalie vond een (giftige) salamander met een geel buikje onder een plank. Katrijn moest jammer genoeg vertrekken, ze kreeg nog een heleboel knuffels mee naar huis. We aten pasta pesto met zelfgemaakte pesto en allerlei extraatjes: kaas, mozarella en nootjes.  Echt restauranteten.
We eindigden de dag met een stiltewandeling door het bos. Nog even genieten van de rust op een eigen plekje tegen de bomen. Filosofische vragen kwamen boven en er werd teruggekeken op een heerlijke dag. Al snel ligt iedereen in dromenland en klinken de eerste snurkgeluidjes.

Dag 3: donderdag 28/9
De meesten waren al vroeg wakker. Even ‘snoezen’ in bed en tegen half 8 schoven we de gordijnen open. De macramé werd opnieuw bovengehaald en ook de schaakborden waren een hit vandaag. Na een ontbijt met cornflakes deed iedere tafel zijn eigen afwas. Daarna kon je je eigen bagage inpakken. Al je spullen terugzoeken en die dan in je koffer krijgen, het is steeds een avontuur!
Iedereen kreeg de opdracht om zijn eigen lievelingsplekje te tekenen. De kinderen namen de tijd en we zagen uitzonderlijk veel oog voor detail in de tekeningen. Sommigen tekenden niet één plek, maar zelfs 4 plekken. Hun hele boekje vol! Ondertussen waren er al 2 ouders in de weer met borstels en ander poetsmateriaal, merci!
We aten nog een smaakvolle hotdog en dan begonnen we aan de terugtocht. Op school aangekomen zingen we nog een laatste keer het kamplied en met een dikke knuffel voelen we hoe het kamp de leefgroep weer wat dichter bij elkaar heeft gebracht.

Wil je nog meer foto’s bekijken?
Volg dan deze link.

HANDEN SCHUDDEN IN DE VIJFDE KLAS

Zag jij al het filmpje van de vijfde klas van vorig schooljaar, de huidige zesde klas dus?
Geen probleem als je dat gemist hebt,
hier kan je het nog eens zien.

EEN BOS DAG IN VREMDE

22 September, … wat een mooie dag hadden we in Vremde.
Onderweg is een pas gemaaid grasveld met een propere, droge beek ervoor een eerste speelplek:
over de beek springen en de aanloop steeds vergroten, het gras in hopen bij de paarden aan de overkant proberen gooien,
gras op mekaar gooien en een reuze berg …
In een haag ontdekt iemand kleine rode besjes. Het is een naaldboom. “Een spar misschien?” zegt Amara “Dat is mijn geboorteboom.”
In een andere haag hangen tussen groene bladeren ook knalrode bladeren. Die drogen we in de plantenpers.

Ter plekke drijven al snel kastanjebolsters als bootjes op het water en later is in de andere regenton een prachtige soep te zien met oranje blaadjes, rozige besjes en groene klavertjes. Lou heeft al snel een zakje vol kastanjes geraapt.
Het graafplan naar water gaat verder. De put wordt vandaag groter gemaakt om makkelijker in de put te kunnen staan en vandaaruit zand te schuppen. Nog geen water te zien. Wel twee salamanders die in de put uit het zand komen. Wie durft hem te pakken? Hij heeft een oranje buik en het kietelt als hij op de hand kruipt.
Vuur maken! Vele helpers die zitten te wachten om een stok in de vlammen te kunnen houden. Een vlammetje, wat rook, een zwarte punt waar je mee kan tekenen op stenen. En kastanjes die poffen in de pan op het vuur: een lekker dessertje.

Waarom giet Leen water over de stenen die de rooster ondersteunen boven het vuur?
Wonen salamanders onder het zand in een nest?
Bestaat er ook een klavertje 6?

Lut

WINTERFEEST IN DE KLAS

Vrijdag voor de vakantie hadden we een heus winterfeest in de eerste en de tweede klas. In verschillende atelier knutselden we pakjes voor elkaar die we onder de kerstboom legden. Prachtige dromenvangers, pluizige pompons, vrolijke trekpopjes, enz.
Louka maakte zelfs een reuzegrote robot uit karton waarvan de poten konden bewegen. Wat spannend als al die pakjes opengemaakt werden! Iedereen was blij met zijn geschenkje. We zongen kerstliedjes en zelfs de kerstman belde ons even op (Mona heeft hem de groetjes doorgegeven aan de telefoon).
Om 12 uur stond ons een heerlijke maaltijd te wachten. Wanneer iedereen zijn buikje rond gegeten had, werd zelfs de afwas een feest op de tonen van jingle bells. Bedankt aan de mama’s en papa die ons zo verwend hebben.
Op zolder zongen we per klas een wiegelied in een andere taal. De dag werd afgesloten met het uitdelen van wetsstokjes en een warm tasje chocomelk.
Fijne feesten allemaal!

 

WIST JE DAT …?

SINTERKLAAS IS VERSLAAFD…

Sinterklaas was opnieuw in ‘t Speelscholeke.
Maar de pieten hadden er dit jaar hun handen mee vol om hem bij de kinderen te houden. Hij had immers een smartphone gekregen en al zijn aandacht ging naar zijn nieuwe hebbeding. Pokemons vangen, filmpjes maken, gamen, … Geen tijd voor cadeautjes.
Gelukkig waren er nog de pieten die samen met de kinderen van de school de Sint toch bij de zaak konden houden.
Lees even wat fragmenten mee uit de dagboeken van de pieten.
” Ik stapte de kamer van de Sint binnen en vroeg waarom ik bij hem moest zijn? Om de cadeautjes voor de kinderen te maken natuurlijk. Het was al 3 december, dus ik vloog…, ah ja dat kan ik nog steeds niet, dus ik liep naar de fabriek en begon met het maken van pakjes.” Ik ben kanariepiet!
“Ik sta op, uit mijn zwarte bed met witte lakens. Beneden neem ik een tas koffie met melk en ik eet wel 8 oreo’s. Na het inpakken van cadeautjes, zoals elke andere zwarte piet, speel ik een spelletje schaak met schaakpiet. Ding, ding ding. Etenstijd! Ik eet bloemkool met bloedworst en als dessert stracciatella-ijs.” Ik ben zwart-wit piet!
“Ik sta op, ik ontbijt en dan grijp ik mijn telefoon. Ik kijk op live of er een schaak-, voetbal-, tennis-, hockey-, volleybal-, basketbal-, zwerkbalteam-, judo-, karate- of bokswedstrijd is. Dan ga ik er naar toe om te supporteren. Ik neem mijn toeter mee behalve als het een schaakwedstrijd is. Ik supporter ook voor Sinterklaas als hij in zijn grote boek schrijft.” Ik ben supporter piet!
“Liefste dagboek, vandaag werd ik wakker met een goed gevoel. Ik had zo veel zin om te bottle flippen. Dus ging ik naar de ontbijttafel om met de andere pieten te ontbijten. Ik nam een hap van mijn Sintboterham en  genoot van het bottle flippen. Dus ik nam een hap en gooide een fles, nam een hap een gooide een fles en zo ging het maar door. Tot ik wilde drinken van mijn glas maar dronk van mijn fles en per ongeluk gooide met mijn glas. Gelukkig lag de Sint nog te slapen. Ik ruimde snel alles op met schaakpiet. Dat was spannend.” Ik ben bottle flip piet!
“Ik wist niet hoe het kwam dat ik opeens wakker werd, misschien kwam het wel door Vroege Opstaanpiet of door het gestommel van de ongelukkige Pechpiet of … Maakt niet uit, ik ben nu toch wakker. Nog na geeuwend trof ik Sinterklaas aan die in een badjas gekleed, eenzaam boterhammetjes aan het eten was. Snel liep ik naar hem toe en riep: “O, Saint Nicolas, mais u’est-ce que vous faites ici tout seul? I will keep you company. Puedes darme un bocadillo?” Ik ben talen piet.
“‘s Ochtends stond ik op. Mijn wekker ging ontzettend hard. In de gang kwam ik zwart-wit-piet tegen. Ik vroeg haar om een wedstrijdje te doen. Om het eerst bij de eettafel, maar zij was te moe. Ze had ‘s avonds een zwart-wit film gekeken terwijl iedereen al lag te slapen. Het ontbijt was verrukkelijk. Croissantjes met Nutella, mijn lievelingsontbijt. Met fruitsap na het ontbijt vertrok ik terug naar mijn kamer om verder te werken aan mijn zelf verzonnen spel. Natuurlijk kan ik ook zelf meespelen en natuurlijk ga ik ook winnen.” Ik ben competitie piet!
“Ik word wakker en voel me niet goed. Even later brengt medicijn piet me een soepje, maar als het op is voel ik me nog altijd even slecht. Ik ben verdrietig omdat ik altijd ziek ben. Ik kan, omdat ik ziek ben, nooit spelletjes spelen. Ik denk in mezelf, was er maar iemand die mij kon helpen, maar ik weet dat dat nooit zal gebeuren. Om de tijd te verdoen lees ik strips en boeken. Eigenlijk is lezen het enige dat ik doe.” Ik ben zieke piet!
“Ik word wakker. Moe kijk ik om me heen. Mijn spiegelbeeld!, is mijn eerste reactie als ik een slapend meisje naast mij in bed zie. Ah, ja, nu weet ik het weer. Ik ben tweeling piet en dat is mijn zus. Ik ben zure piet en dat is mijn zus.”
“Ik word wakker. Kijk recht in de ogen van… Mijn spiegelbeeld!, is mijn eerste reactie als ik het meisje naast mij in bed zie. Ah, ja, nu weet ik het weer. Ik ben tweeling piet en dat is mijn zus. Ik ben zoete piet en dat is mijn zus.”